De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken. Meer info
Ga verder

Provincie ondersteunt voor 170.000,00 euro innovatieve projecten groenteteelt

De deputatie van de provincie Limburg heeft vandaag twee nieuwe projecten van het Groente-InnovatieFonds (GIF) goedgekeurd. Het fonds dat vorig jaar is opgericht in het kader van het SALK-uitvoeringsplan moet helpen het potentieel van de Noord-Limburgse groentesector verder te ontwikkelen.

“Door de goedkeuring van twee nieuwe projecten investeert de provincie opnieuw in sterk innovatieve projecten die bijdragen aan de verdere uitbouw van de opkomende groentesector in Limburg”, aldus gedeputeerde van Landbouw Inge Moors.

Groente-Innovatiefonds

De oprichting van het Groente-InnovatieFonds gaat gepaard met 360.000,00 euro aan SALK-middelen die de provincie Limburg en Vlaanderen ter beschikking stellen voor het ondersteunen van innovatieve projecten in de Noord-Limburgse groentesector.

Gedeputeerde van Landbouw Inge Moors: “Limburg telt ruim 2.400 hectare groentegewassen, waarvan een belangrijk aandeel terug te vinden is in Noord-Limburg. Met het Groente-InnovatieFonds kunnen we bijdragen aan de bestendiging en het verstevigen van de concurrentiepositie van de sector. We moeten het potentieel van deze sector benutten om bijkomende tewerkstelling te creëren in de groenteverwerkende industrie.”

Innovatie staat centraal

Het Groente-InnovatieFonds beoogt innovatieve groenteprojecten die teelt- of verwerkingsprocessen optimaliseren, nieuwe teelten of nieuwe teeltvormen introduceren aan de productiezijde, nevenstromen valoriseren of de vermarkting en export stimuleren. Goedgekeurde projecten kunnen een subsidie van 70 % van de totale projectkost met een maximum van 90.000,00 euro ontvangen.

In september vorig jaar werd een eerste reeks ingediende projectenvoorstellen beoordeeld door het Groente-InnovatiePlatform, een team van experten uit de sector. Op basis van hun advies gaf de deputatie haar goedkeuring voor twee projecten uit de eerste oproep.

In maart van dit jaar lanceerde de provincie een tweede oproep voor innovatieve groenteprojecten. De ingediende projectvoorstellen zijn in juni voorgelegd aan de leden van het Groente-InnovatiePlatform, dat opnieuw twee projecten positief heeft geadviseerd. Op basis van dit advies heeft de deputatie vandaag groen licht gegeven voor het ondersteunen van twee nieuwe projecten van het Proefstation voor de Groenteteelt.

Kwaliteitsverbetering en innovatieve bemesting

De goedgekeurde projecten sluiten nauw aan bij de lopende projecten uit de eerste oproep. Inge Moors: “De eerste oproep heeft ons twee sterke projecten over een innovatieve irrigatietechniek in de groenteteelt en de introductie van het nieuwe knolgewas Yacon opgeleverd. De twee nieuwe projecten richten zich op kwaliteitsverbetering van asperge en prei en op een innovatieve bemestingstechniek.”

Kwaliteitsverbetering van asperge en prei

Het Proefstation voor de Groenteteelt heeft samen met het Vlaams Centrum voor de Bewaring van Tuinbouwproducten en enkele Limburgse landbouwers een project ingediend waarbij ze op zoek gaan naar betere bewaartechnieken voor asperges en prei.

“Het project spitst zich toe op de verbetering van de kwaliteit van de asperges en prei, twee waardevolle teelten voor Noord-Limburg. De regio levert immers ruim 60 % van alle Vlaamse asperges”, verduidelijkt gedeputeerde Moors.

“Recente cijfers van de veilingen tonen aan dat nog steeds meer dan een vierde van de asperges in lagere kwaliteitsklasse moet verhandeld worden. In het project zullen we daarom onderzoeken op welke manier wijzigingen in het productieproces en de bewaringstechnieken ervoor kunnen zorgen dat dit percentage verder daalt”, zegt Liesbeth Wachters van het Proefstation voor de Groenteteelt. “In de preiteelt zien we andere problemen. Door de lage prijs van de prei is het voor de telers belangrijk om hoge kwaliteit te kunnen leveren. Daardoor krijgen ze bij de veiling een betere verkoopprijs” zegt Liesbeth Wachters van het Proefstation voor de Groenteteelt. “In de preiteelt zien we andere problemen. Door de lage prijs van de prei is het voor de telers belangrijk om hoge kwaliteit te kunnen leveren. Daardoor krijgen ze bij de veiling een betere verkoopprijs.”

Innovatieve bemestingstechniek

Ook het andere project wordt uitgevoerd door het Proefstation voor de Groenteteelt, samen met ondermeer PIBO-campus in Tongeren.

“Dit project zal meer kansen bieden aan groentetelers in het kader van de strenge mestwetgeving”, stelt gedeputeerde Moors. “Het proefstation zal samen met de Bodemkundige Dienst van België en het provinciale landbouwpraktijkcentrum PIBO-Campus Tongeren verder onderzoeken hoe de nutriënten in drijfmest vertraagd kunnen worden vrijgegeven en welke meerwaarde rijenbemesting heeft voor de bedrijfsvoering. Tegelijk zal ook het gebruik van groenbemesters op groentepercelen worden onderzocht.”

Het project zal ontwikkelingskansen bieden aan de landbouwers, ondanks de recent strenger geworden mestwetgeving.

“We willen ervoor zorgen dat er zo weinig mogelijk stikstof uit de mest terecht komt in het grond- en oppervlaktewater. Door de strenge mestnormen moet er zoveel mogelijk stikstof bij de plant blijven. We gaan proeven aanleggen met toevoegingen in de drijfmest die ervoor zorgen dat de stikstof minder snel uitspoelt. Ook met rijbemesting trachten we kunstmest efficiënter te gebruiken door de stikstof dichter bij de wortels van de planten te brengen. Na de oogst zaaien we groenbedekkers in die de resterende nutriënten vasthouden tot na de winter”, stelt Joris De Nies van het Proefstation voor de Groenteteelt.

De proefveldresultaten worden geanalyseerd op basis van de voorschriften uit de nieuwe mestwetgeving. Op basis van de conclusies uit de analyse kunnen landbouwers begeleid worden om hun bedrijfsvoering aan te passen aan de nieuwe wetge  ving.

Goed nieuws voor SALK

Beide projecten krijgen samen een subsidie van 170.000,00 euro. De project-uitvoerders krijgen twee jaar om hun project uit te voeren, waarbij de uitvoering en de voortgang nauw opgevolgd zullen worden door het Groente-InnovatiePlatform.

De goedkeuring van de twee nieuwe projecten is ook goed nieuws voor de uitvoering van het SALK-plan. “We ondersteunen nu vier innovatieve groenteprojecten. Het voorziene bedrag van 360.000,00 euro in het Groente-InnovatieFonds is daarmee bijna volledig besteed.

Door deze kwalitatief hoogstaande innovatieve projecten uit te voeren kan de Limburgse groenteteelt verder bestendigd worden in het gebied. De kennisvoorsprong, de bijkomende werkgelegenheid, de verhoogde werkzekerheid en de voorbeeldfunctie die de sector hierdoor krijgt zijn slechts enkele van de voordelen die door de uitwerking van het Groente-InnovatieFonds gegenereerd zullen worden", besluit gedeputeerde Moors.

Het Groente-InnovatiePlatform brengt de juiste expertise samen

De projectsubsidies worden toegekend door de deputatie die voor elk project geadviseerd wordt door het Groente-InnovatiePlatform (GIP). Het GIP kan beschouwd worden als een beoordelingscommissie die samen met het Groente-InnovatieFonds wordt opgericht. De 12 adviserende en 11 effectieve, stemgerechtigde leden beoordelen elk projectvoorstel op basis van de kwaliteit en de potentiële impact voor de agrobusinesscomplex.

De groep van adviserende leden wordt vertegenwoordigd door: het Innovatiesteunpunt, Noliko Bree, Farm Frites Lommel, BelOrta, het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek (VITO), Uhasselt, de Limburgse Reconversie Maatschappij (LRM), Boerenbond, VAC, ABS, het Proefstation voor Groenteteelt en de KULeuven. De groep stemgerechtigde leden bestaat uit een vertegenwoordiger van: de Vlaamse Regering, de deputatie van de provincie Limburg, de dienst Landbouw & Platteland van de provincie Limburg, de Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling (ADLO) van het departement Landbouw en Visserij, Agropolis Kinrooi, Greenville Houthalen, het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO), PIBO campus Tongeren, PVL Bocholt, Pc Fruit en het Innovatiecentrum Limburg.

Naast de beoordeling zal het GIP ook instaan voor de opvolging van de projecten en, in samenspraak met de projectaanvrager, voor de communicatie van de onderzoeksresultaten naar derden.
“Door overheden, vakorganisaties, kennisinstellingen, proefcentra en industrie samen aan tafel te brengen zijn we in staat over de schakels van de keten heen te denken. Zo creëren we het ideale klimaat om kennis, ervaring en ideeën uit te wisselen die onze provincie als duurzame, economische regio op de kaart kan zetten”, besluit gedeputeerde Moors.